Polymeerchemisch herstel

moerbalk-restauratie Balkkop - verrot Balkkoprestauratie 1 Balkkoprestauratie 2

 

Als vervangen van een sterk verrotte balk te moeilijk of onmogelijk is wordt wordt overgegaan tot polymeerchemische balkkoprestauratie.
Polymeerchemische houtrestauratie heeft tot doel verweerde of weggerotte houtdelen te vervangen door epoxymortel, zodanig dat de balk zijn oorspronkelijke sectie en stevigheid terugkrijgt.
De epoxymortel is een product op basis van epoxyhars, samengesteld uit twee componenten op basis van laag viskeuze, oplosmiddelvrije kunststoffen aangevuld met inerte materialen, welke voor de verwerking gemengd worden tot een homogene massa.

Werkwijze bij herstelling balkkop

  • Opschoren van de balk tot op het oorspronkelijke niveau.
  • Vrijmaken van de te behandelen balk door wegkappen omringend metselwerk
  • Verwijderen aangetaste hout
  • Aanbrengen van wapeningstaven in het gezonde hout
  • Plaatsen van een bekisting
  • Ingieten van de epoxymortel
  • Bij tijdelijke bekisting deze verwijderen na zeven dagen uitharding
  • Wegnemen onderstempeling na volledige doorharding ( 28 dagen )

Nadat al het slechte hout van de balkkoppen verwijderd is worden in het gezonde hout wapeningsgaten geboord diameter 28 mm.
In deze gaten worden de wapeningsstaven ( inox draadstangen diameter 20 mm ) gebracht.

Schematische voorstelling wapening

Voor trekkers van dakspanten dient bij balkkopherstelling de scharnierende verbinding tussen spantbeen en trekker gerespecteerd te worden. Indien de pen van het spantbeen in goede staat is dient deze behouden te worden en wordt de nodige sleuf in de polymeerchemische balkprothese voorzien om de verbinding tussen balkkop en spantbeen te kunnen herstellen. Indien het spantbeen ter hoogte van de trekkeraansluiting aangetast is dient ook hier een polymeerchemische prothese voorzien te worden. Om een scharnierende verbinding tussen beide structuuronderdelen te realiseren worden de wapeningstaven van het spantbeen zodanig in de balkkop ingeboord dat de staven mekaar kruisen in het contactvlak. Het opgieten van balkkop en spantbeen mag niet gelijktijdig gebeuren. Na het herstellen van de balkkop wordt in het contactvlak met het spantbeen een flexibel voegvullingsmateriaal voorzien waarna de balkkop opgegoten kan worden.
( cfr. schematische voorstelling hierboven ).

Bekisting

Als het esthetisch uitzicht na herstelling niet belangrijk is wordt gewerkt met een tijdelijke bekisting waarbij de bekisting tegen de buitenzijde van de balk aangebracht wordt en na uitharding terug verwijderd wordt.
Indien de te herstellen balk in het zicht blijft en het esthetisch uitzicht belangrijk is wordt gewerkt met een verloren bekisting in eik, dikte 20 mm.
Deze bekisting sluit mooi aan met een schuine las op het bestaande gedeelte. Met wateroplosbare beits kan de bekisting achteraf bijgekleurd worden naar het uitzicht van het nevenliggende bestaande balkgedeelte.

Daarna wordt de ruimte gevuld met een compound bestaande uit een kunsthars ( epoxy twee componenten ) en een vulmateriaal ( gewassen kwartskorrels ) in een aangepaste granulatiesamenstelling.
Om een goede doorharding te verkrijgen mag er niet gewerkt worden beneden de 5 °C.
De totale doorharding wordt bereikt na 28 dagen maar de constructie is reeds na 7 dagen belastbaar. Pas na volledige doorharding kan de eventueel aangebrachte onderstempeling verwijderd worden.

Created by C3N ICT